Cinnamon Rolls

Het werd weer eens tijd om iets te maken wat blog-waardig was. Ik had namelijk de laatste tijd wel een paar dingetjes gebakken, zoals een cake, maar die zijn niet echt interessant genoeg om er een heel verhaal over te schrijven.

Dus plande ik een bakdag in, waarop ik niks anders zou doen totdat het baksel wat ik in gedachte had af zou zijn. En voor deze keer had ik besloten dat ik cinnamon rolls zou maken.

Wat voorafging

De dag voor de bakdag maakte ik een planning. Het deeg voor de kaneelbroodjes moest in totaal twee uur rijzen, dus er moest een warme plek gecreëerd worden.

Volgens mijn planning zou ik om 8:00 opstaan, mezelf klaarmaken, om 8:30 de kachel aanzetten op 21-22 graden en dan om 9:45 beginnen met het deeg. Hopelijk zou tegen die tijd de kachel warm genoeg zijn zodat het deeg kon rijzen.

En natuurlijk was ik, zoals altijd wanneer ik ga bakken, nerveus. Brood maken doe ik nog steeds niet vaak, en rijzen is altijd zo’n gedoe. Wat als het deeg niet omhoogkomt? Dan kan ik het allemaal meteen weggooien! En wat als er weer een soort korst op het deeg komt als het wél rijst? Dat is namelijk ook niet de bedoeling, want dan is het te heet geweest!

Ik probeerde de stressvolle gedachtes weg te duwen en mezelf ervan te overtuigen dat ik dit als een leerproces moest zien. Als het mislukte, zou ik het altijd een andere keer opnieuw kunnen proberen.

Helemaal overtuigd was ik er niet van, want mijn perfectionistische kant vond het maar onzin en wist dat als het nu niet goed ging, ik misschien nooit meer een poging zou doen.

De mogelijkheid dat ik het zou opgeven en het als een negatieve ervaring zou gaan zien, zorgde ervoor dat ik het eigenlijk niet eens wilde proberen.

Want niet proberen is veiliger dan falen.

Maar inmiddels ben ik 20, oud genoeg om te leren falen. Ik kan zo onderhand heus wel met moeilijke situaties omgaan, ik kan mezelf herpakken als het even niet gaat zoals ik het wil en ik kan mezelf uitdagen.

Want ik ben een veilig persoon voor mezelf, en veilige personen kunnen je ondersteunen.

Bakdag gaat van start

Ik stond netjes om 8:00 op. Ik zette netjes de kachel aan om 8:30 op 21 graden. Ik douchte zelfs nog even, ook al had ik het gevoel dat ik er niet rustig genoeg voor was.

Iets in mij wilde vluchten. Ik wilde het uitstellen, bakdag overslaan, maar ik zette door en probeerde mijn schema te volgen.

Maar om 9:30 keek ik op de thermostaat en zag ik dat het nog maar 17 graden was in huis. Ik dacht dat het binnen een uur wel super warm zou zijn, maar dat had ik verkeerd gedacht. De kachel was niet eens heet toen ik mijn hand erop legde.

Dit zou niet werken! Ik moest een andere manier vinden om het deeg te laten rijzen.

Ik bladerde door het receptenboek van de cinnamon rolls heen. Er stond een uitleg in over hoe je iets moest laten rijzen. Je kon het doen met de rijsstand van de oven, als hij die had, of een schaal heet water onder in de oven leggen en daarboven op een rooster de bak met deeg zetten. De oven hoefde dan niet eens aan!

Ik besloot, door het gebrek aan een rijsstand, de tweede methode te volgen. Ik zette de kachel weer een stuk zachter, want die was tenslotte niet meer nodig, en zette de waterkoker met water alvast aan.

Deeg

Tijd om te beginnen met het deeg. Hiervoor moest ik alle ingrediënten die erin zaten, behalve de boter, in een kom doen en dat minimaal 10 minuten kneden.

De melk moest lauwwarm zijn. Lekker vaag, lauwwarm. Hoeveel graden is dat precies? Ik warmde het op in een pannetje en voelde met mijn vinger. Het voelde niet meer koud aan, dus besloot ik dat het goed genoeg was.

Verder waren er geen handelingen die eerst verricht moesten worden. Ik woog alle ingrediënten af en gooide ze in een kom van de standmixer met deeghaak. Ik zette hem aan, startte een timer van 10 minuten en wachtte.

Tegen het einde van de kneedtijd zou de boter eraan toegevoegd moeten worden. Ook weer lekker vaag. Is dat als er nog maar 2 minuten over zijn? Of 1? Of misschien toch 3? 5 zou ook kunnen, maar dan zou 4 minuten ook een optie zijn.

Weer een knoop die ik zelf moest doorhakken. Het werd 2 minuten.

Nadat de boter toegevoegd was en dat erdoor heen gekneed was, zag ik dat er iets niet goed ging. De bodem van de kom werd niet goed geraakt, waardoor er een laagje deeg lag wat niet gekneed werd. Ik wachtte rustig af, maar het werd maar niet beter.

Het werd tijd om de handen uit de mouwen te steken.

Ik zette de mixer uit, haalde het deeg (wat om de deeghaak heen vastgeplakt zat) ervan af en begon maar zelf te kneden.

Het was ontzettend zwaar. Ik had geen idee hoe laat ik nou exact was begonnen met het deeg, want om 9:45 had ik de ingrediënten klaargezet, dus ik was iets later begonnen met kneden. Die 10 minuten kneedtijd was ook voorbij, maar dat was de minimale tijd. Zou er ook een maximale tijd zijn?

Het deeg was super plakkerig. Het moest een soepel deeg zijn, maar wat hield dat precies in? Ik werkte bijna nooit met brooddeeg, dus ik had geen flauw idee hoe het moest voelen. Maar ik besloot dat het nu nog niet soepel was.

Dus ik kneedde, en kneedde en kneedde. Ik vouwde het deeg dubbel, en kneedde weer. Vouwen, duwen, vouwen, duwen. M’n armen begonnen pijn te doen omdat ik verkeerd stond, m’n handen waren verkrampt. Wat een plezier had ik toch.

Mijn hoofd werd steeds vermoeider. Het constant nadenken en jezelf afvragen of je het wel goed deed, zorgde ervoor dat ik mentaal uitgeput raakte.

Ik had geen idee wat ik aan het doen was. Ik wist niet eens of ik het kneden wel goed deed! Misschien had ik beter eerst een tutorial kunnen kijken voordat ik ermee begonnen was, maar daar was het nu te laat voor. Het deeg was zo plakkerig, dat m’n vingers er helemaal onder zaten en er dus heel veel deeg verloren zou raken als ik m’n handen zou wassen om een tutorial te zoeken.

Dus er zat maar één ding op: vertrouwen op het hele kleine beetje kennis wat ik had over brood.

Ik bleef kneden totdat het deeg minder begon te plakken. M’n vingers kwamen makkelijker los, dus het ging de goede kant op. Helemaal schoon zou ik ze niet meer krijgen, dus na een tijdje heb ik het geaccepteerd zoals het was.

Ik legde het deeg in een kom en dekte het af met plasticfolie. Het water uit de waterkoker goot ik in een ovenschaal, die ik op een bakplaat helemaal onder in de oven zette. Daar meteen boven plaatste ik het ovenrooster, waar ik de kom op zette.

Het rijzen kon beginnen.

Rijzen, rollen, rijzen

Het moest een uur rijzen, dus ik waste ondertussen even de spullen af. Aangezien ik heel moe was door het kneden, had ik totaal geen zin in het feit dat ik over een uur weer verder moest.

Doordat er allemaal condens op het raampje van de oven kwam, kon ik ook niet zien of het deeg deed wat het moest doen. Ik wilde ook de ovendeur niet opendoen, uit angst dat het was mislukt.

Dus moest ik mezelf vermaken. Ik heb eerlijk gezegd geen idee meer wat ik heb gedaan, maar het uur was best snel voorbij!

Ik opende de ovendeur en… het was gelukt! Heel goed zelfs!

Dus de volgende fase van de cinnamon rolls kon beginnen. Ik maakte een vulling door boter, lichte basterdsuiker en kaneel bij elkaar te mixen en rolde het deeg uit op een licht bebloemd werkblad. Ik smeerde de vulling eroverheen en rolde het deeg op vanaf de lange zijde. Daarna sneed ik er 12 stukjes uit, die ik in een ingevette bakvorm deed.

Die bakvorm was trouwens ook een probleem, want hij was 20×20 cm, en ik moest eigenlijk een rechthoekige bakvorm van 25×35 cm hebben. Maar ja, die had ik niet, dus werd het een vierkant.

Ik deed weer warm water in de ovenschaal, dekte de bakvorm met de cinnamon rolls losjes af en zette hem in de oven, zodat hij nog een uurtje kon rijzen.

Daarna waste ik weer de vaat af, maakte ik het aanrecht schoon en lunchte ik even, want het was inmiddels al 12:00.

Bakken

Het was tijd voor bijna-laatste stap van het hele proces! Ik haalde de gigantisch gerezen broodjes uit de oven. Ook de ovenschaal haalde ik eruit, waarna ik even het raam in de ovendeur droog maakte.

Er zaten nog allemaal druppeltjes aan de wand van de oven, maar dat kon vast geen kwaad.

Ik zette de oven aan op 190 graden, wachtte totdat hij op temperatuur was en zette de kaneelbroodjes zonder plasticfolie erin.

Ze moesten er volgens het recept 25-30 minuten in, maar na 15 minuten waren ze al veel te bruin aan de bovenkant, dus besloot ik ze eruit te halen.

Ik had geen idee hoe ik kon zien dat het brood gaar was vanbinnen, dus het was een gok.

Ik smeerde er nog even wat gesmolten boter overheen en liet ze afkoelen in de vorm.

Eindresultaat

Eindelijk was het tijd om te proeven! Ik zou eigenlijk nog een glazuur maken om eroverheen te smeren, maar ik was vergeten dat ik de overige melk nog nodig had en had dus tegen m’n vader gezegd dat hij het wel kon opdrinken. Dus helaas was er geen glazuur.

Ik haalde eerst een klein stukje uit de bakvorm. Het leek gaar te zijn! Het was aan de bovenkant donkerbruin, maar aan de onderkant goudbruin. Ik rook de suiker en kaneel al, heerlijk!

Ik plukte het stukje brood uit elkaar. Het was niet compact, maar echt gewoon zoals brood moet zijn! Hoe had ik dat nou voor elkaar gekregen?

Het brood, wat eigenlijk gewoon plukbrood was geworden in plaats van individuele cinnamon rolls, was heerlijk qua smaak. Het was niet te zoet, het was perfect in balans.

Dus ja, ik ben echt ontzettend trots op mezelf! Het feit dat ik nu een stuk minder bang hoef te zijn voor brood omdat ik weet hoe je het deeg moet laten rijzen, is al winst.

De volgende keer wil ik de juiste bakvorm gebruiken, en dan kijken wat dat doet. En misschien ook de oven eerst ietsjes laten afkoelen nadat het een rijskast is geweest, zodat hopelijk de bovenkant minder bruin wordt.

Maar al met al was het een geslaagde bakdag!