Laatst kwam ik deze taart tegen, en er stond qua moeilijkheidsgraad ‘goed te doen’. Nou, dat klonk wel haalbaar! De taart bestaat uit een biscuit, twee soorten slagroom, een trempeersiroop, een rand van koekkruimels en een laag pâte à bombe. Dit laatste had ik nog nooit gemaakt, dus ik was erg benieuwd of het me zou lukken!
Als voorbereiding moest ik een taartring bestellen, want die had ik niet. Ik koos een verstelbare, zodat ik hem vaker kon gebruiken. Verder moest ik een fles cognac halen voor de trempeersiroop. Ze hadden geen kleinere varianten, dus nu heb ik nog heel veel over aangezien ik maar 20 gr nodig had.
Maar goed, ik ging aan de slag!
Het biscuit
Voor het biscuit moest ik zachtewenerbeslag maken. Klinkt heel chic, en ik weet niet wat nou precies het verschil is met een ander soort biscuit. Vooral de bereiding is anders.
Om te beginnen moest ik de eieren en de suiker au bain-marie verwarmen tot 37 graden. Daarna moest het in de keukenmachine opgeklopt worden tot een massa met stand.
Hier begon de chaos al.
Allereerst wist ik niet of ik de eieren en de suiker door elkaar moest roeren tijdens het verwarmen. Het stond er niet, maar het is vaker gebeurt dat niet elk detail wordt opgeschreven en dat je gebruik moet maken van je verstand, iets wat ik vaak mis.
Daarna begon de twijfel tijdens het opkloppen in de keukenmachine. Wat is precies een massa met stand? Is dat als het op een soort slagroom lijkt, en dus stevig is? Of op een soort meringue?
Ik had echt geen flauw idee, dus ik stopte met opkloppen toen de massa in ieder geval een stuk luchtiger was. Achteraf denk ik dat ik dit fout heb gedaan, en dat ik toch wat langer had moeten kloppen.
Ik zeefde de bloem boven de kom en spatelde het er kort door. Hierna spatelde ik wat gesmolten boter erdoor.
Hier kwam het derde probleem: dit spatelen moest zo kort mogelijk, maar uiteindelijk deed ik er best lang over aangezien de kom onderin een klein uitsteekseltje heeft en ik daardoor niet makkelijk over de bodem kom met de spatel. Dus als je ineens het voor elkaar krijgt om dat wel te kunnen, zie je dat er allemaal bloem ligt wat niet goed erdoorheen gemengd is.
Het was trouwens avond toen ik dit deed, dus ik had al bijna geen energie meer hiervoor. Sowieso heb ik de laatste tijd vrij weinig motivatie en zin in dingen (mede mogelijk gemaakt door de winterdip), dus het was ook niet dat ik er echt naar uitkeek. Dat er nu dus al zoveel dingen voor lichtelijke spanning zorgden, hielp niet echt.
Er was ook nog een vierde probleem. De taartring die ik besteld had, was echt totaal niet nuttig. Hij was verstelbaar, maar daardoor zaten er klemmetjes aan de onderkant en bovenkant. Dit zorgde ervoor dat je hem niet plat op de bakplaat kon leggen. Dus uiteindelijk heb ik maar een springvormrand gebruikt.
Het beslag goot ik in de springvormrand, wat op een met bakpapier beklede bakplaat stond. Hierna ging het de oven in, voor ongeveer 20 minuten.

Het biscuit is totaal niet omhoog gekomen. Je kunt dus wel zeggen dat het niet helemaal is gegaan zoals het moest gaan.
Fijne start.


Cognacsiroop
De volgende dag heb ik alleen maar een trempeersiroop gemaakt. Ik had geen energie of zin om nog verder te gaan met de taart.
De cognacsiroop maak je door wat water met suiker te koken tot 105 graden. Hierna neem je de pan van het vuur en voeg je de cognac toe. Dit laat je volledig afkoelen.

De vulling
De taart had als vulling twee soorten slagroom. Dit maak je door eerst wat slagroom met wat suiker op te kloppen. Hierna zet je de helft hiervan in de koelkast, en de andere helft meng je met een mengsel van cacaopoeder en water.
Dus je hebt eigenlijk gewoon normale slagroom en chocoladeslagroom.
En door
Nadat de slagroom gemaakt was, ging ik de taart opbouwen. Ik was best wel nerveus, want het biscuit moest twee keer horizontaal doorgesneden worden, en het was zo plat dat ik niet wist of dat zou lukken.
Uiteindelijk heb ik het een soort van voor elkaar gekregen. De onderste plak was gewoon een mooie dikte, de middelste plak is een stukje afgebroken en de bovenste plak was redelijk oké.
Op de onderste plak moest ik een laag chocoladeroom spuiten. Dit moest in een spiraalvorm.
Nou, hier was weer wat chaos. Ik begon namelijk niet in het midden, en ik vond het nogal moeilijk om recht boven de taart te blijven met de spuitzak en het dus mooi en netjes erop te spuiten.

Op deze room moest de middelste plak biscuit. Deze moest je tremperen met de cognacsiroop, en hierna moest je er in een spiraalvorm de gewone slagroom op spuiten. Dit ging ook moeizaam, aangezien er een heel stuk van het biscuit ontbrak.


Hierop ging de laatste plak, die je licht moest aandrukken. Toen kon de taart een uur de koelkast in.
En weer door
Na een onbekende tijd (ik was vergeten een timer te zetten en heb eerst even geluncht) ging ik aan de slag met de pâte à bombe.
Dit zijn eigenlijk wat eidooiers die je opklopt in de keukenmachine, waarna je heet suikerwater toevoegt en het daarna koud klopt.
Nou, ik ging een poging wagen.
Sowieso was het best wel moeilijk om 75 gr eidooiers te hebben. Hier had ik al best veel tijd in gestopt.
Maar goed, ik ging ze opkloppen in de keukenmachine. Ondertussen deed ik het water en suiker in een steelpannetje en liet ik dat koken tot 110 graden.
Het enige probleem is dat ik niet wist wanneer de eidooiers goed opgeklopt zouden zijn. Ik heb waarschijnlijk weer dat niet goed gedaan, aangezien de eidooiers niet stevig waren.
Toen ik het suikerwater toevoegde, leek het soms even enigszins stevig, maar zodra je stopte met mixen, zag je dat het gewoon vloeibaar was.
Ik had geen eieren meer, dus ik moest het ermee doen.
Afmaken
Ik moest en zou die taart afkrijgen.
Ik verkruimelde wat koekjes in een hakmolen. Er stond dat je een heel pak koekjes nodig had, maar uiteindelijk had ik dat niet gedaan en alsnog had ik heel veel kruimels over.
Hierna goot ik een laag pâte à bombe (als ik het überhaupt zo mag noemen) over de taart heen. Dit streek ik glad met een paletmes en hierna smeerde ik de randjes ermee in.
Ik drukte nog wat koekkruimels tegen de randen. Hierna moest ik wat rietsuiker over de taart strooien (er stond ‘een dun laagje’, maar wat is dat?) en dat met een crème-brûlée brander lichtelijk bruin branden.
Dit had ik nog nooit gedaan, en zoals te verwachten ging het niet heel soepel. Ik denk dat ik echt veel te weinig rietsuiker erop had gestrooid, waardoor je geen verschil zag. Op de plekken waar ik per ongeluk veel rietsuiker had gestrooid, kon je wel duidelijk zien dat er iets gebeurde als ik die brander erboven hield.
Eindresultaat
Ik ga heel eerlijk zijn, deze taart is niet mijn beste werk. Het was echt een enorm gedoe en ik vond het eigenlijk niet ‘goed te doen’. Misschien dat ik ooit nog een poging waag en dan iets meer onderzoek doe naar bijvoorbeeld het zachtewenerbeslag en de pâte à bombe. Dan weet ik in ieder geval hoe dingen eruit moeten zien.
Maar goed, toen ik hem eenmaal doorsneed zag hij er wel heel mooi uit! De laagjes waren echt heel leuk gedaan.
En qua smaak is ie best wel prima. Het biscuit is lekker zacht, maar de cognac proef je zeker. Die was in het begin heel overheersend, maar als je eenmaal gewend bent eraan proef je ook de andere dingen.
Ik sta best open voor nog een poging. Ik weet niet wanneer, sowieso niet binnenkort. Maar ik denk dat ik best veel kan leren van deze taart.

